Een Nederlands consortium kreeg de opdracht om een ​​zeesluis te maken. Ze bedachten een slim ontwerp voor de zeesluis. Het basisprincipe bestond uit twee identieke sluisdeuren en één back-up kopie, dat goedkoper is dan twee verschillende poorten met twee bijpassende back-up kopieën. De ontwerpmanager krijgt vervolgens de taak om de daadwerkelijke ontwikkeling van de zeesluis te organiseren. Maar hoe doet hij dit? 

De vaardigheid ‘creatief leiderschap’ is een vereiste tijdens zo’n ontwikkeling. Met deze vaardigheid kan de professional creatief samenwerken met ontwerpers, specialisten en gebruikers om ideeën en nieuwe ontwerpen te bedenken om problemen van de maatschappij op te lossen. Ter ondersteuning van de ontwerpmanager tijdens deze creatieve processen, heeft Frans van Gassel (2016) vijftien principes ontwikkeld om face-to-face ontwerpvergaderingen te plannen, te organiseren en uit te voeren. Volgens de ontwerpwetenschappelijke onderzoeksbenadering worden de handstorm-principes gevalideerd door het ontwikkelen van een creativiteitsfacilitatiecursus gebaseerd op deze principes. Vervolgens moeten de vaardigheden die tijdens de cursus zijn verworven ten minste zes keer in de praktijk worden gebracht. 

Handstorm-principes zorgen ervoor dat niet alleen de linker- en rechterkant van de hersenen worden gebruikt, maar ook de rest van het lichaam: de handen, smaakpapillen, gebaren, gevoelens, stem en meer. Handstorming (werken met materialen, gereedschappen, constructies en machines) kan worden beschouwd als een verrijking van brainstormen, wat een meer cognitief en intellectueel proces is.

De ontwikkeling van de ontwerpprincipes is een van de antwoorden op de vraag hoe professionals vitaal en veerkrachtig kunnen blijven. Dankzij de principes blijven zij in staat om te reageren op de ontwikkelingen in de architectuur-, constructie- en bouwsector.